Schakel JavaScript in om gebruik te kunnen maken van deze website.
Fideï-commis de residuo
Noorland Juristen Menu

Fideï-commis de residuo

Een fideï-commis de residuo of tweetrapsmaking met vervreemdings- en verteringsbevoegdheid (kortweg tweetrapsmaking) is een voorwaardelijke making van erflater A (insteller) aan fideïcommissaris (bezwaarde) B waarover deze geheel kan beschikken, met als voorwaarde het in leven zijn (de restanten behoren dus bij zijn dood niet tot zijn nalatenschap), gecombineerd met een voorwaardelijke making van de restanten aan verwachter C, met als opschortende voorwaarde het overlijden van B. Ook meer dan twee "trappen" zijn mogelijk.

Voorbeeld: Persoon B erft als fideïcommissaris een bedrag van 100.000 euro van A. A heeft in zijn testament bepaald dat C, na de dood van B, de opvolgende erfgenaam is. B mag het bedrag wel gebruiken, en alleen het restant gaat over op C.


Vergelijking met fideï-commis

+
In het Nederlands Burgerlijk Recht is het vestigen van een fideï-commis verboden. Alleen voor dit fideïcommis de residuo wordt een uitzondering gemaakt. Het verschil is dat bij een erfstelling fideïcommis de residuo alleen het restant onder de bepaling valt.

Als voorbeeld: Persoon B erft als fideïcommissaris een bedrag van 100.000 euro van A. A heeft in zijn testament bepaald dat C, na de dood van B, de opvolgende erfgenaam is. Dat betekent dat B de 100.000 euro niet mag gebruiken (alleen de rente wel), en dat bij het overlijden van B, de 100.000 euro overgaat naar C. Deze fideïcommis-bepaling is onrechtmatig. Min of meer vergelijkbaar is het aan verschillende personen vermaken van het vruchtgebruik en het resterende bloot eigendom.

Als wordt bepaald dat B wel het bedrag mag gebruiken, en alleen het restant overgaat op C, dan is de bepaling naar Nederlands recht wel toegestaan. Dan spreekt men dus van de erfstelling fideïcommis de residuo. Heeft B het hele bedrag opgemaakt, dan erft C niets.


Erfbelasting

+
Voor de erfbelasting erft bij de fideï-commis de residuo eerst B van A, dan C van A. Als, bij het overlijden van B, C ook van B erft wordt de erfbelasting hierover apart berekend. Dit kan men onder meer vergelijken met het geval dat B alles normaal van A erft, en C later alles van B erft.

Als bijvoorbeeld C kind van A en B is, en B door de hoge vrijstelling geen belasting verschuldigd is over de erfenis van A, geeft het apart belasting betalen een progressievoordeel (dubbele vrijstelling en minder in 2e schijf). Vergeleken met de wettelijke regeling is een voordeel dat na overlijden van A nog geen belasting hoeft te worden betaald.

Meer algemeen geldt het eerste als A-C en B-C tot dezelfde relatiecategorie behoren. Als A-C en B-C tot verschillende relatiecategorieën behoren kan de fideï-commis de residuo (extra) voordeel (bijv. als B en C kinderen van A zijn) of nadeel opleveren.



Volg ons op Facebook!
► Facebookpagina